Functionele cookies: Wij plaatsen functionele cookies om deze website naar behoren te laten functioneren en analytische cookies waarmee wij het gebruik van de website kunnen meten. Deze cookies gebruiken geen persoonsgegevens.


Ik wil gepersonaliseerde informatie: Hiermee ontvang je gepersonaliseerde informatie op onze website die wordt afgestemd op je internetgedrag. Ook kunnen we nieuwsbrieven beter afstemmen op jouw voorkeuren.


Eén momentje voor een bewuste keuze…

Ga voor meer informatie naar onze cookieverklaring en privacyverklaring.

Wheeler Nikita den Boer (29) koerst af op haar debuut op de Paralympische Spelen. Vorige maand verbaasde ze vriend, vijand en zichzelf door als eerste Nederlandse para-atleet de marathon van Londen te winnen. “Ik ben gewend om te denken in mogelijkheden.”

Nikita
“Ben je vernoemd naar dat nummer van Elton John? Die vraag kan ik wel dromen. Meestal begint iemand die dat vraagt ook automatisch dat liedje te zingen. Eigenlijk best irritant, haha. Goede vrienden en trainingsmaatjes zeggen meestal Kita tegen mij. Dat is wat losser. Ik noem mezelf ook vaak zo. Meestal levert mijn achternaam meer problemen op dan mijn voornaam. Ik word bijna altijd De Boer genoemd.”

Londen (1)
“De plek waar het in oktober gebeurde. Het plan was vooraf vrij simpel. Ik zou proberen om zo lang mogelijk achter Manuela Schär aan te gaan. Manuela komt uit Zwitserland en is al twee jaar onverslaanbaar op de marathon. De laatste negen had ze gewonnen. Ik wist vooraf wat ik moest doen om de limiet voor de Spelen te halen. De top vier halen of een hele snelle tijd rijden. Omdat het weer vrij slecht was, had ik die snelle tijd al uit mijn hoofd gezet."

"Kijkend naar de tijden van de andere deelnemers, was die top vier een realistisch doel. Dat gaf vertrouwen, maar ik moest het ‘nog wel even doen’. Geen pech onderweg krijgen, bijvoorbeeld. Ik lag lang achter Manuela. Dacht dat ik tweede zou worden. Maar vijf kilometer voor de finish stortte zij helemaal in. Precies op de plek waar mijn coach stond. Volle bak rammen, riep hij. Dat deed ik dus. Gas erop. Toen ik een bocht later achterom keek, zag ik Manuela niet meer. Ik dacht even dat ze uitgevallen was, zo groot was het gat geworden. Ik bleek dus echt ver voor te liggen. Wist dat het mijn dag was.”

 

Dit bericht bekijken op Instagram

Een bericht gedeeld door Nikita den Boer (@kitaaatje)

Spina bifida
“Ik ben geboren met een open rug. Dat houdt in dat je ruggenmerg niet goed is aangelegd. Ik mis een paar wervelbogen, waardoor mijn ruggenmerg open ligt. Als kind heb ik lang redelijk normaal kunnen leven. Ik kon lopen en sporten. Alleen bij lange stukken moest ik in een rolstoel. Dat veranderde op mijn dertiende. Ik ging achteruit, was afhankelijker van mijn rolstoel. Ik was erop voorbereid. Ik had er dus ergens wel vrede mee, al zaten er natuurlijk ook momenten tussen dat ik het stom en oneerlijk vond."

"Ik vond het bijvoorbeeld heel erg dat ik moest stoppen met ballet en streetdance, wat ik een paar keer per week deed. Maar doordat ik nu constant in een rolstoel zat, was ik ook minder vermoeid. Was het duidelijker. Hoefde ik niet constant te bedenken of we die stoel nou wél of niet gingen meenemen. De knop was dus vrij snel om. Accepteren en richten op wat je wel kan. Als je in een rolstoel zit, is er veel wat anders is. Maar als je al die dingen als een probleem ziet, kom je echt niet verder. Ik wil een chill, positief leven. Dus was de uitdaging hoe we daar het beste voor konden zorgen. Ik ben gewend om te denken in mogelijkheden. Te denken: wat kan ik wel?”

Haarlem
“Mijn stad. Ik ben er geboren, getogen en woon er nog steeds. Ben er nooit weggegaan en dat zal ik ook niet snel doen. Haarlem is niet supergroot, maar heeft wel een heel fijn centrum, met leuke winkels en mooie, historische gebouwen. Echt een stad, maar niet de heftigheid van Amsterdam. Wat voor mij heel fijn is, is dat ik in Haarlem snel op een plek ben waar ik buiten kan sporten zonder dat ik stoplichten tegenkom. Ik ga vaak langs de ringvaart, op de dijk. Daar kan ik veilig en goed trainen. En natuurlijk geniet ik ook van het strand en de zee, die vlakbij zijn. Heerlijk om daar eventjes langs te gaan. Ik woon nog thuis, bij mijn moeder. Als ik op mezelf zou willen wonen, wil ik wel in de stad blijven. Maar ja, de huizen zijn idioot duur. Ook dat is Haarlem.”

 

Londen (2)
“Dan kom je over de streep en weet je dat je de limiet hebt gehaald. Zelfs aan de tijdslimiet voor de Spelen had ik voldaan. En dan hoor je mooie dingen. Dat ik het Nederlands record met twee minuten heb verbroken. De eerste Nederlandse para-atleet ben die de marathon van Londen heeft gewonnen. Dan ben je een beetje beduusd. Op een leuke manier in de war."

"Het geheim achter mijn overwinning? Tsja, dat ik tijdens de lockdown vrij goed door kon trainen. Het duurde alleen weer heel lang voordat ik weer een wedstrijd had. Pas eind augustus, op de baan. Ik wist ook dat het in Londen moest gebeuren. Dit was misschien wel de enige kans om die limiet te rijden. Mijn eerste marathon in anderhalf jaar. Ik ben dus misschien wel goed in pieken. Denk ik.”

Johan Cruyff Foundation
“Zes jaar geleden werd ik door de Johan Cruyff Foundation gevraagd, of ik wilde helpen om meer gehandicapte jongeren aan het sporten te krijgen. Natuurlijk wilde ik dat. Ik word wel eens gevraagd om dan naar evenementen of scholen te gaan om te laten zien wat je allemaal nog wel kunt als je een handicap hebt. Sommige kinderen zijn zich daar helemaal niet van bewust. Toen ik vroeger met atletiek wilde beginnen, vond ik op internet eerst alleen een vereniging in Breda. Dat was voor mij net wat te ver. De reacties van kinderen zijn vaak prachtig. Ze vinden het bijzonder en zijn enthousiast. En daardoor raak ik ook nog meer gemotiveerd. Het is gaaf dat ik dit mag doen en ik leer mezelf hier ook goed door kennen.”

Dit bericht bekijken op Instagram

Een bericht gedeeld door Nikita den Boer (@kitaaatje)

Autosport
“Vroeger gingen we bijna elk weekend met mijn broers en zus naar het racecircuit in Zandvoort. Da’s natuurlijk vlakbij Haarlem. Mijn vader en broer zijn allebei ‘flag marshalls’ geweest. Dat betekent dat zij langs de baan stonden, om de coureurs te begeleiden met vlagsignalen. Bijvoorbeeld wanneer de race begint of moet worden stilgelegd. Als kinderen liepen we vroeger daar hele dagen rond. Het was fijn, gemoedelijk. Iedereen stond daar altijd voor elkaar klaar."

"Mijn held was Ayrton Senna. Ik heb hem nooit live zien rijden, hij overleed toen ik drie jaar was. Maar ik vind zijn verhaal wel heel inspirerend. Nog steeds. Hij moest altijd heel hard knokken om te bereiken waar hij is gekomen. Het succes kwam hem niet aanwaaien. Hij heeft ervoor moeten vechten, opofferingen moeten maken om de top te behalen. Investeringen doen. Dat geldt ergens ook voor mij. Mijn materiaal is duur. Heb ik dat ervoor over? Die vraag moet je jezelf wel eens stellen als er weer een dure aankoop aankomt. Zeker in het begin is dat een flinke hap uit je budget. Je krijgt je succes niet cadeau.”

Ontdekking
“Ik ben op een heel bijzondere manier in de topsport terechtgekomen. In de zomer van 2013 heb ik een citytrip naar Londen gemaakt met een vriendin. Gewoon leuk, een weekendje weg. Op de terugreis zat ik in het vliegtuig met de paralympische atletiekgroep. We raakten aan de praat en natuurlijk ging het over sport. Ik had in 2012 wel naar de Spelen gekeken, maar ik herkende ze niet echt. Ja, ik had weleens van Kenny van Weeghel gehoord. Maar wie dat nou precies was?" 

"Waarom kom je niet een keer langs op de Paralympische Talentdag, zeiden ze. Ik kreeg op Schiphol een visitekaartje van Arno Mul, de coach. Het idee bleef een beetje in mijn hoofd hangen. Waarom zou ik het niet proberen? Niets te verliezen, toch? In oktober was die Talentdag. Al snel bleek dat atletiek goed bij mij paste. Ik kwam daarna nogmaals langs op Papendal en ik mocht blijven. Eerst hebben we ingezet op de sprint en sinds 2018 op de langere afstanden. Arno is inmiddels al jaren ook mijn coach.”

Dit bericht bekijken op Instagram

Een bericht gedeeld door Nikita den Boer (@kitaaatje)

Tokio
“Het klinkt nog heel ver weg. Maar stiekem komt het steeds dichterbij. Ik heb de limiet nu gereden voor de marathon en de 5000 meter. Ik sta er supergoed voor. Het aantal plekken is beperkt, maar ik denk én hoop dat ik komend jaar nog beter word. Dat ik ook de limiet haal voor de 1500 meter. Met Arno maken we nu het schema voor de komende tijd. In mei heb ik een belangrijke wedstrijd in Zwitserland, in juni is het EK. Daar willen we pieken. En natuurlijk geldt dat ook voor Tokio. Deze week kreeg ik informatie over het parkoers. Heel tof om me daarop voor te bereiden. Ik kijk er met veel vertrouwen naar uit.”