Functionele cookies: Wij plaatsen functionele cookies om deze website naar behoren te laten functioneren en analytische cookies waarmee wij het gebruik van de website kunnen meten. Deze cookies gebruiken geen persoonsgegevens.


Ik wil gepersonaliseerde informatie: Hiermee ontvang je gepersonaliseerde informatie op onze website die wordt afgestemd op je internetgedrag. Ook kunnen we nieuwsbrieven beter afstemmen op jouw voorkeuren.


Eén momentje voor een bewuste keuze…

Ga voor meer informatie naar onze cookieverklaring en privacyverklaring.

Hoe kom ik vijftien kilo aan? Die bijzondere vraag stelde Nicholas Heiner zich twee jaar geleden. De zeiler uit Enkhuizen stapte over van de Laser- naar de Finn-klasse en moest flink aankomen om in zijn nieuwe klasse serieus mee te doen.

zaterdag 14 december

Waarom wilde je overstappen van de Laser naar de Finn-klasse?
“Zeilen biedt veel mogelijkheden naast het olympische zeilen. Zo is er de Ocean Race, de Americas Cup en alle grote botencircuits. De Ocean Race is een race rond de wereld. Net als de Olympische Spelen is dat voor mij altijd een droom. Daarvoor is het nodig om een zo allround mogelijke zeiler te zijn en heb je ook veel technische knowhow nodig. In de Laser-klasse koop je je materiaal van de plank. Alles is gemaakt volgens strikte regels waardoor iedereen binnen kleine marges hetzelfde materiaal heeft. Daardoor gaat iedereen ongeveer even hard en komt het aan op de zeiler zijn techniek, fysiek, mentale kracht en race skills.”

En hoe is dat in de Finn-klasse?
“In de Finn klasse mag je je materiaal zelf ontwikkelen binnen bepaalde regels. Dus naast de vaardigheden die je in de Laser opdoet, moet je nu ook het proces van de ontwikkeling en de technische knowhow beheersen. En dat heb je nodig voor het zeilen naast de Olympische Spelen. Dus voor mij was de keuze om de overstap te maken gebaseerd op waar ik in de toekomst heen wil als zeiler. Daarvoor moet ik mijzelf nu ontwikkelen. En die nieuwe uitdaging en jezelf ontwikkelen geeft ook een hoop energie binnen de olympische campagne.”

(de tekst gaat door onder de foto)

Nicholas Heiner tijdens het test-event in Tokio. Foto: Pedro Martinez/Sailing Energy.

Nicholas Heiner tijdens het test-event in Tokio. Foto: Pedro Martinez/Sailing Energy.

Waarom is een zwaardere zeiler in het voordeel in de Finn-klasse?
Wij hebben geen gewichtsklassen zoals andere sporten, maar elke boot kent zijn ideale gewicht. Hoe zwaarder de boot en hoe groter het zeil hoe meer power de boot genereert. De Laser weegt 57 kilo en de Finn 116. Het zeil is een stuk groter en geneert dus een hoop meer power. Om de boot te kunnen controleren en sturen met je lichaam heb je dus ook die massa en power nodig – anders gaat de boot met jou aan de haal in plaats van andersom. Denk aan een lichtgewicht judoka tegen een zwaargewicht. Aan de andere kant: als je te zwaar bent voor de boot, ligt de boot ook dieper in het water wat ook weer niet snel is. De lichte zeilers zijn dus in de basis in het voordeel wanneer er weinig wind staat en de zware mannen als er veel wind staat.”

Wat is het ideale gewicht van een Finn-zeiler?
“Dat is onder meer afhankelijk van je lengte. De tegenstanders zijn vaak een halve kop groter dan ik, dus daar ga ik het op verliezen qua hefboom. Ik werd met 92 kilo derde op het WK met weinig wind, maar er zijn zeilers van 105 kilo. Omdat je in de Finn-klasse je materiaal mag aanpassen en in de boot veel meer opties hebt om de zeilen op de juiste stand te zetten, maakt dat de weight-range (92-100kg) heel groot. Voor mij is het ideale gewicht om goed mee te doen in de Finn rond de 96 kilo.”

Hoeveel woog je toen je in de Laser-klasse uitkwam?
“In de Laser zat ik gemiddeld op 82 kilo. Toen ik het WK won in 2014 zelfs op 78. Dat is wel gebruikelijk voor die klasse. Iedereen zit ongeveer tussen de 80 en 83 kilo, met wat extremen aan beide kanten. Toen ik overstapte naar de Finn moest er vijftien kilo bij. Dus er is redelijk wat eten ingegaan.”

Nicholas Heiner. Foto: Sander van der Borch

Nicholas Heiner. Foto: Sander van der Borch

Hoe lang heb je daar over gedaan?
“In een half jaar tijd zat er wel twaalf kilo aan. Toen zat ik op zo’n 92 kilo. Helaas niet alleen spieren, er zat ook wel wat vet bij. Ik heb veel in de sportschool gezeten, vooral het eerste jaar, om daarmee de spiermassa omhoog te krijgen. En om spiermassa te creëren moet je meer eten dan je nodig hebt.”

Wat eet je dan zoal?
“Vooral veel proteïnen en koolhydraten: vijf keer a zes keer per dag gaat er dertig gram proteïnen naar binnen. Dat kan van alles zijn. In de ochtend vaak kwark en eieren. Eigenlijk gewoon je drie maaltijden per dag, zoals iedereen dat doet. Alleen zijn de tussendoorsnacks wel wat groter dan die van de gemiddelde Nederlander. Brood met een shake bijvoorbeeld, of eieren. ’s Avonds heb ik een normale maaltijd, zoals iedereen. En daarnaast komen er dan nog twee keer per dag je proteïne-shakes bij. Eén keer voor het naar bed gaan en na de training. Dus je zit wel vijf keer per dag aan je proteïnen en daarnaast ook gewoon zorgen dat je veel calorieën binnenkrijgt.”

Wat doet dit met je? Is het niet tegennatuurlijk om zoveel te eten?
Je lichaam went snel aan de hoeveelheden, en zelf heb ik ook niet direct het idee dat ik zoveel eet. Tot mensen in je omgeving je met open mond aan staan te kijken hoeveel  en hoe vaak je wat naar binnen schuift.”

Word je hierin begeleid?
“Vanuit de bond en NOC*NSF hebben we een voedingsdeskundige die me begeleidt. Met haar overleg ik waar wat te verbeteren valt. Zij heeft me ook in contact gebracht met Erik te Veldhuis, de chefkok op Papendal. We merken dat het tijdens evenementen lastig is om genoeg koolhydraten binnen te krijgen; dat is gewoon letterlijk je energie. Dat komt doordat de omstandigheden heel wisselend kunnen zijn. Als er weinig wind staat gebruik je niet zo heel veel, zeg maar zo’n duizend extra calorieën ten opzichte van een normaal persoon. Dan zit je op drieënhalf duizend calorieën per dag. Maar op andere dagen zit je wel op vijf- tot zesduizend calorieën. Dus dat is best wel lastig met eten. Erik heeft een mooi pakket samengesteld dat mij helpt om genoeg voeding binnen te krijgen en op gewicht te blijven tijdens evenementen.

Nicholas Heiner tijdens het WK in 2018. Foto Richard Langdon/Ocean Images.

Nicholas Heiner tijdens het WK in 2018. Foto Richard Langdon/Ocean Images.

Dus het is niet alleen maar zoveel mogelijk bunkeren?
“Nou, op sommige dagen wel, haha. Maar je wilt natuurlijk wel zoveel mogelijk de goede producten binnenkrijgen. Ik ben absoluut geen fan van supplementen, maar soms is het noodzakelijk om bijvoorbeeld meer ijzer binnen te krijgen. Maar dat doe ik in samenspraak met de diëtiste.”

Zit je – letterlijk – nog wel lekker in je vel nu?
“Ik zit liever op 82 kilo. Maar dat is een van de dingen die erbij horen. Het is gevolg van de keuze die we gemaakt hebben. Maar de nieuwe klasse, de Finn, geeft weer zoveel nieuwe uitdagingen, ik kan weer nieuwe dingen leren. Dat geeft zoveel energie. Natuurlijk, die extra kilootjes moet je wel elke dag meeslepen, maar het is gewoon een hele mooie nieuwe uitdaging om te proberen ook hier een medaille te winnen.”

Maar na je tijd als Finn-zeiler…
“Toen ik 81 kilo woog had ik een goede sixpack. Mijn vriendin is ook een zeilster, dus die wist waar ik aan begon toen ik overstapte naar de Finn. Ik heb met haar een deal gesloten dat als ik klaar ben met de Finn ik wel weer een sixpack moet hebben, haha. Maar ook voor mezelf: spieren zijn functioneel, vet niet. Ik vind het geen straf om in de sportschool bezig te zijn, maar het liefst zit ik op de fiets en ben ik lekker buiten aan het sporten. Tachtig tot 85 kilo is voor mij ideaal. Dus op een gegeven moment moeten de kilo’s er wel weer vanaf.”